Zaterdag 29 april zijn André en Cedric Loy een nachtje blijven slapen bij Mart Dings, die op 500 meter afstand van windturbines in Nederweert-Eind woont. Het was een informatieve en gezellige avond en nacht, waarvoor we Mart en zijn vrouw namens GroenLinks Echt-Susteren van harte voor willen bedanken.
Binnen een afstand van 200 meter waren de turbines vrij goed hoorbaar. Naast zoeven hoorden ze ook bromtonen. Op een afstand van 500 meter waren ze niet meer zo goed hoorbaar. De decibelmeters op de telefoons van Cedric en André gaven minder decibels aan dan wanneer ze thuis in bed lagen.
Desondanks zijn er mensen die wel aangeven last te ervaren van de turbines. Daarom is zorgvuldigheid geboden. Het maakt ook nieuwsgierig naar resultaten van mogelijk verder onderzoek.
Zaterdagavond 29 april omstreeks 20:30 in Nederweert Eind.
Daar staan we dan: bij het kanaal. de zon schijnt nog net, maar ze schijnt. Een fuut op het nest houdt ons nauwlettend in de gaten. Terwijl hij/zij een ijsvogel aan diens snavel voorbij ziet sjezen. De aanblik van de ‘drenkeling’ - een levensgrote sekspop die diezelfde avond uit dat kanaal werd gevist door de brandweer - is ons bespaard gebleven. 350 meter voor onze eigen snavels echter beginnen de windturbines met draaien. De wieken aan de witte palen met een ashoogte van 135 meter (tiphoogte 210 meter) komen op snelheid. Wie goed luistert hoort in kanon het gezoef van de molens tussen het gefluit van de vogels. De bromtonen en trillingen waar ons over wordt verteld horen en voelen we op dat moment echter niet.
Nadat we langs de lammetjes in de stal zijn geweest krijgen we een flink stuk vlaai, koffie en wat fris. We horen Mart zijn zorgen delen. Hij wil niet overkomen als een wappie (en dat doet hij zeker ook niet) of als een wappie weggezet worden. Hij vertelt dat hij slecht slaapt vanwege de bromtonen en trillingen. Later gaan we zelf de proef op de som nemen in de stacaravan die Mart voor ons gereed heeft gemaakt. Voor het zover is drukt Mart ons op het hart dat ze als omwonenden van windturbines zich meer gehoord en gezien hadden gevoeld wanneer ze vooraf meegenomen waren in de besluitvorming. Meer dan een aandeel kunnen kopen aan stroom die de turbines opleveren, hadden ze graag inspraak en informatie op een laagdrempelige manier gekregen. Wanneer er dan ook nog eens vooraf maatregelen aangekondigd waren waarmee de (over)last voor omwonenden verminderd was geworden, dan hadden ze nadrukkelijk het gevoel gehad dat er rekening met ze werd gehouden. Dat zou gunstig zijn geweest voor het draagvlak, vertelt Mart en Francy Boes, die inmiddels ook is aangeschoven.
Na middernacht stappen we in de auto van Mart. Hij neemt ons mee langs de turbines. Als je binnen 200 meter van zo’n ding staat worden de 55 decibels aangetikt. Naast het zoeven van de wieken merken we inderdaad ook een bromtoon op. Dat dat irritant is op den duur, dat kunnen we ons voorstellen. Ook zijn we er verbaasd over, die bromtoon hadden we zo niet verwacht. Echter wanneer je 250 meter van de turbine staat valt de bromtoon al langzamerhand weg. Na 500 meter wordt het volledige geluid vrij stil. Passerend verkeer maakt het onhoorbaar met momenten.
Om 02:00 begint de moeheid toe te slaan en rijden we terug naar het huis van Mart. Daar kruipen we in de stacarvan onder de dekens. De app op onze telefoons geeft 26, 27 decibel aan ‘threshold of hearing’ (grens van waarneembaar geluid) staat erbij. Met momenten is heel zachtjes een lichte bromtoon en gezoef hoorbaar. Deze gaat ook weer net zo snel als hij gekomen is en het vergt wat concentratie om het te kunnen horen. Het is zeker niet onze bedoeling om te zeggen dat we Mart niet geloven, maar het lukt ons niet om het zelf te horen, tenminste niet in een zulke mate dat we constant duidelijk geluid op de oren krijgen van de molens.
De volgende ochtend rijden we zelf nog eens langs de molens. Ja, die zijn best groot. Indrukwekkend ook wel. Maar, op de een of andere manier voelt het niet alsof het nou echt angstaanjagend hoog is. Ze geven ook wat slagschaduw en als je in de auto zit is dat ook best irritant maar buiten valt het mee. Gelukkig zijn hiervoor normen en maatregelen om de slagschaduwbelasting voor omwonenden te verminderen of zelfs in zijn geheel te voorkomen.
We zijn hartelijk ontvangen door Mart en zijn vrouw. Het was informatief, maar zeker ook ouderwets gezellig. Voor hun gastvrijheid willen we de familie Dings daarom heel graag bedanken!
Hoewel we zelf de bromtonen als trillingen niet hebben ervaren en de wetenschap betwijfelt dat infrasoon (niet hoorbaar) geluid effecten kan hebben op de mens, kunnen we ons voorstellen dat enkel het gevoel dat de windmolens er opeens waren en je niet weet wat de effecten ervan op je gezondheid zijn, ziekmakend kan zijn. Onze eigen ervaring is dat het geluid binnen 500 meter van de turbine niet afneemt en dat een goede minimale afstand is. Omwonenden moeten meegenomen worden in wat het betekent als er eventueel windmolens komen. En hen moet verzekerd worden dat er maatregelen worden genomen waarmee de belasting voor ze verminderd wordt. Wanneer je iets doet voor het algemeen belang, mag het belang van het individu namelijk niet uit het oog worden verloren. Maar laten we realistisch zijn: omwonenden zullen een zekere mate van overlast ondervinden van de turbines. Dat neemt natuurlijk allemaal niet weg dat we kritisch moeten blijven en zorgvuldig moeten zijn. Het maakt ook nieuwsgierig naar wat er onder andere uit een milieu effect rapportage zou komen.