Vragen art. 33 Controle agrarische vergunningaanvragen

Op 16 september 2017 publiceerde De Limburger op de voorpagina (editie Roermond) een klein artikel dat begon met: “Door gebrek aan kennis en tijd kijken plattelandsgemeenten te weinig kritisch naar adviezen van agrarische bureaus die boeren bijstaan. Het gevolg: het risico dat boeren te makkelijk een vergunning krijgen is groot. En dus ook dat de overlast voor omwonenden bij uitbreiding door boeren groter is dan iedereen denkt. Dat stellen plattelandsgemeenten en deskundigen.”

In het grote artikel (editie Roermond, regiokatern) wordt gedeputeerde Prevoo als volgt geciteerd: “Het hele systeem is ingericht op het snel en efficiënt verlenen van een vergunning. De ambtenaren die de aanvragen moeten toetsen zijn vaak onvoldoende gekwalificeerd. Bovendien wordt hen vaak te weinig tijd gegund om het goed te beoordelen. Als omwonende die te maken krijgt met overlast van een agrarisch bedrijf sta je met 1-0 achter.”

Beide artikelen baren ons grote zorgen. GroenLinks is zeer kritisch ten aanzien van de uitbreiding van de varkenshouderijen aan de Veestraat 1 (Maria Hoop) en de Kerkstraat 10 (Koningsbosch). Besluitvorming in het college dan wel in de raad vindt plaats op basis van onderzoeken. Deze onderzoeken worden door een bureau uitgevoerd in opdracht van de veehouder. Met andere woorden: de veehouder bepaalt welk bureau dat onderzoek moet doen en hoeveel euro dat mag kosten. Milieu-adviseur Caspar den Hartog van De Roever Omgevingsadvies wordt als volgt geciteerd: “Het begint ook bij de agrariër die de opdracht voor het advies geeft. Als die niet meer dan duizend euro aan een geluidsrapport wil uitgeven dan kun je niet verwachten dat er een rapport van de hoogste kwaliteit uitrolt.”

We hadden van het college graag antwoord op de volgende vragen:

1a. Herkent u zich in het beeld dat door De Limburger wordt geschetst, namelijk dat er bewust of onbewust fouten in onderzoeken ten behoeve van agrarische vergunningaanvragen staan dan wel dat onderzoeken, al dan niet met opzet, onvolledig zijn?

1b. Zo ja, hoe vaak heeft u dit al meegemaakt in Echt-Susteren?

1c. Betreft het vaak dezelfde adviesbureaus ten aanzien van foutieve dan wel onvolledige informatie? Welke adviesbureaus vallen dan op? Als het college laatstgenoemde informatie niet wil verschaffen, op welk wetsartikel baseert het college zich daarbij?

1d. Zijn er sancties op het vermelden van onjuiste gegevens in vergunningaanvragen? Zo ja, in hoeveel gevallen zijn er sancties toegepast?

 

2a. Herkent u zich in het citaat van gedeputeerde Prevoo dat ambtenaren te weinig tijd hebben en/of onvoldoende gekwalificeerd zijn om zulke onderzoeken te beoordelen?

2b. Zo ja, hoe lost u dit probleem intern op?

2c. Is de aangeboden hulp van gedeputeerde Prevoo, om provinciale ambtenaren te laten controleren, een optie?

2d. Welke rol speelt de RUD of kan die spelen in de toekomst om de tijdsdruk te verlagen en/of de kwalificaties van de ambtenaren te verhogen?

 

3. GroenLinks is van mening dat omwonenden van intensieve veehouderijen niet de dupe mogen worden van foutieve en/of onvolledige onderzoeken waarop het verlenen van een agrarische vergunning wordt gebaseerd. Deelt het college deze mening?

 

4a. Los van de genoemde krantenartikelen bereiken ons klachten dat luchtwassers bij intensieve veehouderijen ’s nachts worden uitgezet of dat enkelen worden uitgezet dan wel op een lagere stand worden gezet om bijvoorbeeld water en energie te besparen. Het gevolg is stankoverlast voor de omwonenden. Zijn klachten omtrent deze typische nachtelijke stankoverlast bekend bij het college?

4b. Op welke wijze kunnen omwonenden deze klachten anoniem kenbaar maken? Kan men ook ’s nachts een melding maken aan een dienst of persoon die 24/7 persoonlijk bereikbaar is?

4c. Op welke wijze gaat het college te werk na zo’n melding? Zijn er logboeken of andere vormen van registratie op een veehouderij met luchtwassers?

4d. Is het college bereid om ook ’s nachts (onaangekondigd) metingen te laten doen indien de in vraag 4a genoemde klachten plausibel zijn? Heeft de gemeente de kennis en apparatuur in huis om stankoverlast te kunnen meten? Zo nee, hoe kunt u dan toch accuraat inspelen op zulke klachten, mochten die u bereiken?

4e. Met welke regelmaat worden de luchtwassers periodiek gecontroleerd op werking en geluid? Wie voert deze controles uit? Zijn deze rapporten openbaar?